Oorsprongsagnost

Ik ben een agnost. Een oorsprongsagnost welteverstaan. Tenminste, tot voor kort was ik daar wel zo’n beetje zeker van, dat ik het niet wist. Op dit moment ben ik zelfs daar niet meer van overtuigd. Mooier kan ik mijn opvatting over evolutie helaas niet voorstellen: Ik weet niet hoe het zit met schepping en/of evolutie en denk eerlijk gezegd dat dit voor veel orthodoxe medechristenen ook geldt.

Maar is evolutie dan niet steeds breder aanvaard ook door orthodoxe christenen? Jawel, maar ik denk dat zeer velen van hen tegelijkertijd niet of nauwelijks kunnen uitleggen hoe zich dat dan verhoudt tot hun orthodoxe geloof. En is het dan niet eerlijker om te zeggen dat je het niet weet, dan dat je zomaar roept ‘dat we toch niet meer om de feiten heen kunnen’? O ja? En wat als die feiten dan echt niet te rijmen zouden zijn met wat je gelooft over God, de Bijbel, de wereld, de mens en de toekomst?

En wat als die feiten dan echt niet te rijmen zijn met wat je gelooft?

Laat helder zijn: Ik geloof vast dat God de hemel en de aarde heeft geschapen. Uit niets. Maar hoe heeft Hij dat gedaan? Sluit schepping evolutie uit of niet? Volgens de gangbare wetenschap is er op drie niveaus sprake van evolutie: geleidelijke ontwikkeling, gemeenschappelijke afstamming en natuurlijke selectie. Elk niveau brengt haar eigen vragen met zich mee wanneer ze geconfronteerd wordt met bijbelse voorstellingen over God, mens en het ontstaan van de wereld. Neem bijvoorbeeld de principes van ‘natuurlijke selectie’ en ‘survival of the fittest’: staan die niet haaks op het godsbeeld dat de Bijbel presenteert? Is het ooit te verkroppen dat dezelfde God die de Vader is van Jezus Christus en zich presenteert als de God die het zwakke verkiest, deze wereld geschapen heeft op de manier van natuurlijke selectie waarin het recht van de sterkste (in de zin van ‘de beste aanpasser’) geldt? Kunnen we van een afstandje Gods scheppingsdaad-via-evolutie bekijken en nog steeds zeggen: ‘het is (zeer) goed’?

Gesteld voor dit soort vragen word ik gehinderd door gebrek aan informatie en normatief kader om een werkelijk verantwoord standpunt in te nemen. Ik wil ‘de wetenschap’, en zeker de orthodox-christelijke beoefenaars daarvan, serieus nemen, maar vind het tegelijkertijd moeilijk om een vorm van creationisme definitief uit te sluiten. Daarbij kan ik de theologische implicaties van aanvaarding van evolutionaire schepping moeilijk overzien. Lange tijd vond ik het nog het meest bevredigend om ‘oorsprongsagnost’ te zijn: Ik weet het niet en wat er ook waar zal blijken te zijn – schepping al dan niet langs evolutionaire weg – het tast mijn geloof in en vertrouwen op God niet aan.

Er staat te veel op het spel om oorsprongsagnost te blijven

Hoe langer hoe meer vind ik dit echter een onbevredigende positie. Er staat ook te veel op het spel, zowel theologisch als qua ‘katholiciteit’, om het ‘niet te weten’. Dat laatste niet alleen omdat velen afscheid nemen van ‘de God van de Bijbel’ omdat ze niet inzien hoe orthodox-christelijke opvattingen zich laten rijmen met de stand van de wetenschap ten aanzien van het ontstaan van de wereld, maar ook omdat ‘evolutie’ een zoveelste splijtzwam onder orthodoxe christenen dreigt te worden.

Daarom ben ik zo benieuwd naar het langverwachte boek van Gijsbert van den Brink. Die heeft de consequenties van aanvaarding van evolutie of evolutionaire schepping voor een orthodoxe christelijke theologie jarenlang systematisch doordacht. In zijn boek En de aarde bracht voort. Christelijk geloof en evolutie doet hij verslag van zijn bevindingen. Van den Brink meent dat er op elke uitdaging waarvoor de theologie zich door evolutie gesteld weet een antwoord te geven is dat zich goed verdraagt met gereformeerde orthodoxie. Als hij gelijk heeft, hoeft niemand zich dus nog zorgen te maken of geloof in God, ook in orthodoxe en gereformeerde zin, nog wel mogelijk is gesteld dat evolutie onomstotelijk vast zou staan. Tegelijk maakt hij er geen geheim van, dat het ‘totaalplaatje’ er op onderdelen wel anders uit komt te zien wanneer we dat geloof in termen van het hedendaagse wereldbeeld uitdrukken.

De grote vraag is natuurlijk of hij gelijk heeft. Van den Brink verdient veel respect voor zijn studie, maar ook een open en kritische weging, want er staat nogal wat op het spel. Zijn antwoorden op de gestelde vragen moeten zowel op hun geldigheid als op hun implicaties grondig worden bevraagd. Tijdens het congres ‘Evolutie. Stel dat het waar is…’ (22 september 2017), gaan evolutionair theïsten, creationisten en oorsprongsagnosten met elkaar in gesprek over dit boek. Een congres waardoor het bij overtuigd creationisten en evolutionair theïsten misschien wel gaat knagen, maar waar oorsprongsagnosten zeker wijzer van zullen worden.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.