Tante Anne

Het leven was mijn tante niet gunstig gezind. In haar jeugdjaren had ze veel met ziekte te kampen, en ze verloor Hans – het enige kind dat ze had – toen hij zeven jaar oud was. Haar man was fabrieksarbeider, en op een middag kwamen ze mijn tante vertellen dat hij dood was, veertig jaar oud. Voor zover ik dat kan beoordelen is haar leven nadien kleurloos geweest, en enige relatie met God was er niet.

Ze was pas zeventig jaar oud toen ze werd opgenomen in een verzorgingstehuis in Deventer: ze was in ernstige mate dementerend. Ik was praktisch de enige die haar bezocht, eenmaal per vijf of zes weken. Dat was niet al te vaak maar de afstand werkte ook niet mee. Ze kon zich het huis nog herinneren waar ze als kind had gewoond, en er was nóg een gebeurtenis op de harde schijf achtergebleven: het overlijden van haar zoon Hans. Het was nog steeds een zwarte schaduw over haar bestaan, en het maakte haar zo verdrietig.

Een gesprek was nauwelijks mogelijk, omdat haar zinnen niet verder kwamen dan een- of twee losse woorden. Ik had de gewoonte haar in de auto mee te nemen voor een rit in de omgeving, en we hadden altijd dezelfde route: over de IJsseldijk naar Wijhe, daar met de pont over de IJssel en via de tegenoverliggende IJsseldijk weer terug naar Deventer. Daar, met het uitzicht over de rivier en op de stad dronken we koffie, aten appelgebak, en werd het samenzijn afgerond met een glaasje advocaat met slagroom.

Ik vroeg haar eens wat de kerk met de twee torens aan de overkant van de rivier eigenlijk betekende. “Van ’t geleuf”, was haar antwoord. Ik vertelde haar, dat zij als klein meisje in die kerk was gedoopt, maar ze keek glazig, en het zei haar niets. Toen zei ik: “Tante, u bent altijd zo verdrietig en u voelt zich altijd zo alleen. We moeten een afspraak met elkaar maken. We moeten vragen of Jezus zich over u wil ontfermen. Of Hij u wil helpen over dat verdriet heen te komen en u weer blijdschap te geven in het leven. Maar het zou wel eens kunnen dat u vergeet daarvoor te bidden, maar ik zal het ook doen. Ik zal u blijven steunen in het gebed.” Dezelfde glazige blik, en geen reactie. Ze begreep totaal niet waar ik het over had.

De volgende keer herhaalde zich hetzelfde ritueel, en hetzelfde gesprek. Zo ging dat maar door, jaar in, jaar uit, zonder dat ze ooit reageerde. Zelfs niet met één enkel woord!

Tien jaar later zaten we op een vrijdagmiddag in een dorpscafé in Den Nul, ergens aan de IJssel. We zaten met ons tweeën in de cafézaal, en plotseling was het alsof de bliksem insloeg. Iets dat uit medisch oogpunt tot de onmogelijkheden gerekend moet worden, gebeurde. Mijn tante trad buiten haar dementie, en was normaal! Terwijl ze in haar koffie roerde vertelde ze mij, hoezeer ze het op prijs stelde dat ik haar regelmatig kwam opzoeken. Dat ik haar rondreed, we samen koffie dronken en appeltaart aten. Dat ik met haar praatte en dat haar dat enorm stimuleerde. “Als je me weer terug hebt gebracht naar het tehuis, dan ben ik weer helemaal opgeladen, en kan ik er weer wéken tegen! En ik weet ook dat je altijd voor mij hebt gebeden; maar wat je niet weet, is dat ik ook altijd voor jou heb gebeden!”

Ik was perplex. Niet alleen omdat mijn tante tegen mij sprak en de manier waarop, maar ik was vooral geschokt door de manier waarop de Heilige Geest tot mij sprak. “Adri, je hebt je om je tante bekommerd. Je hebt langdurig en oprecht voor haar gebeden, maar je hebt niet echt geloofd dat Ik wat kon uitrichten in de staat waarin zij verkeerde. Je hebt véél te klein over mij gedacht, maar Ik ben veel groter dan jij denkt!”

Het gesprek met mijn tante Anne duurde misschien maar vijf of tien minuten; toen was het over en de dementie sloeg weer toe. Ik heb tien jaar met haar gesproken over Jezus, en tien jaar voor haar gebeden. Op deze bijzondere vrijdag liet God mij zien dat zelfs de meest demente dementen door Hem bereikt en gered kunnen worden. God is inderdaad véél groter dan wij denken of beseffen.

Het was met recht een bijzondere vrijdag, want het was de laatste keer dat ik mijn tante zag. Drie dagen later overleed ze plotseling. Een vrouw die bij haar volle verstand Jezus niet kon vinden, werd door Jezus gevonden in haar demente staat.

Dit najaar start bij PEP i.s.m. De Meij Consultancy en WoonZorgcentra Haaglanden de cursus Dementie: een pastorale en theologische uitdaging. Cursus voor predikanten, geestelijk verzorgers en pastoraal werkers. Docenten: Tim van Iersel, m.m.v. Gert Westrik en Cor van den Berg. 

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.